Verbonden partijen

Algemeen

Inleiding verbonden partijen

Terug naar navigatie - Algemeen - Inleiding verbonden partijen

Gemeentelijke taken voeren we grotendeels zelf uit. In een aantal gevallen besteden we de uitvoering van taken uit aan derden, werken we samen met andere overheden of verlenen we subsidies. Daarmee kunnen derden een belangrijke rol krijgen bij de realisatie van onze beleids- en programmadoelstellingen. Hieruit volgt dat bepaalde vormen van samenwerking ook risico’s met zich meebrengen. 

Samenwerkingsvormen
We participeren in diverse samenwerkingsvormen. Bijvoorbeeld door deel te nemen in gemeenschappelijke regelingen, aandeelhouder te zijn of een bestuurder te leveren in een private entiteit. Als de samenwerking de vorm heeft van een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft, spreken we van ‘verbonden partijen’. 

Wat zijn verbonden partijen?
Verbonden partijen zijn privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de gemeente een bestuurlijk én financieel belang heeft.  Van een bestuurlijk belang is sprake indien de gemeente rechtstreeks invloed heeft op de besluitvorming binnen de verbonden partij, bijvoorbeeld door een zetel in het bestuur en/of door stemrecht.
Van een financieel belang is sprake als de gemeente middelen aan de verbonden partij ter beschikking heeft gesteld die ze kwijt is in geval van faillissement van die partij of het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt.

Voor- en nadelen van samenwerkingsverbanden
Er zijn diverse redenen om samen te werken. Bijvoorbeeld om schaal- en efficiencyvoordelen te bereiken, kennis te delen, risico's te spreiden of om een maatschappelijk initiatief te ondersteunen. In de Nota Verbonden Partijen hebben we uitgangspunten en een afwegingskader voor samenwerking bepaald.

Samenwerken brengt echter ook risico's met zich mee. Ondanks dat een deel van de uitvoering van het beleid elders is belegd, blijft de gemeente verantwoordelijk voor het uitgevoerde beleid. Daardoor kan de gemeente aanzienlijke maatschappelijke, financiële en fiscale risico's lopen wanneer een samenwerkingsverband in financiële problemen komt of zijn taken niet goed uitvoert. 

De gemeente heeft daarom een controlerende taak op het gevoerde beleid. Om die taak goed te kunnen uitvoeren, is het van belang om de risico's van de samenwerkingsverbanden in beeld te hebben. Deze paragraaf heeft tot doel deze taak te ondersteunen. Daarnaast besteden we binnen de organisatie doorlopend aandacht aan sturing en regie om de prestaties en ontwikkeling van de verbonden partijen te volgen en verbeteren. 

Sturing en regie

Terug naar navigatie - Algemeen - Sturing en regie

De uitvoering van een aantal gemeentelijke taken is belegd bij verbonden partijen. Het uitgangpunt daarbij is dat we samenwerken in een verbonden partij als (beleid)doelstellingen hierdoor effectiever of doelmatiger (goedkoper of met minder risico) kunnen worden gerealiseerd. Dit hebben wij vastgelegd in onze Nota Verbonden Partijen. De verbonden partij dient te werken binnen de afgesproken beleidsinhoudelijke en financiële kaders. Binnen de organisatie besteden we daarom doorlopend aandacht aan sturing en regie. Hiermee volgen we de prestaties van de verbonden partij, zowel beleidsinhoudelijk als financieel. Bestuur en ambtelijke organisatie werken hierin en vanuit de eigen rol samen. 

In de periode 2022-2024 zijn de gemeenschappelijke regelingen die we zijn aangegaan, aangepast aan de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen (1-7-2022). Ook is voor zover mogelijk verder uitvoering gegeven aan de aanbevelingen de Rekenkamer IJsselstein in zijn rapport Grip op gemeenschappelijke regelingen heeft gedaan (juni 2022) . Eén van de aanbevelingen van de Rekenkamer is de actualisatie van de Nota Verbonden partijen.  Deze is in 2023 vastgesteld en voerden we sindsdien uit. Andere aanbevelingen van de Rekenkamer waren het nadrukkelijker organiseren van sturing en regie met andere gemeenten en het evalueren van verbonden partijen. In 2026 hebben we de evaluatie afgerond en in 2027 geven we waar mogelijk, in samenwerking met onze verbonden partijen, invulling aan de verbeterpunten die hieruit bleken.  

We werken zowel ambtelijk als bestuurlijk aan het versterken van sturing en regie op verbonden partijen. Dit doen we risicogericht en zoveel mogelijk in samenwerking met andere gemeente en met de verbonden partijen zelf. Om het risico te bepalen kijken we zowel naar financiële factoren als beleidsmatige en maatschappelijke belangen. Relevante factoren zijn o.a. financiële omvang van de bijdrage, financiële beheersing, het beleidsbelang, en de mate waarin IJsselstein invloed kan uitoefenen op de partij.  Het inzicht in risico's helpt ons om grip op onze verbonden partijen te realiseren. Verbonden partijen met het hoogste risicoprofiel hebben zowel ambtelijk als bestuurlijk constante aandacht. Hierbij werken we heel actief samen met de verbonden partij en met andere deelnemers waardoor we weten wat er speelt en waar we op moeten en kunnen sturen.

Typenindeling en totaaloverzicht verbonden partijen

Terug naar navigatie - Algemeen - Typenindeling en totaaloverzicht verbonden partijen

We delen de verbonden partijen in drie typen:

Gemeenschappelijke regelingen

  • Afvalverwijdering Utrecht
  • Belastingsamenwerking Rivierenlanden
  • GGD regio Utrecht
  • Omgevingsdienst Utrecht
  • Recreatieschap Stichtse Rijnlanden 
  • Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard
  • Reinigingsbedrijf Midden Nederland
  • Veiligheidsregio Utrecht
  • Werk en Inkomen Lekstroom

Coöperaties en vennootschappen

  • Bank Nederlandse Gemeenten
  • Vitens NV

Stichtingen en verenigingen

  • Stichting Inkoopbureau Midden Nederland
  • Stichting Robijn
  • Stichting WerkwIJSS
  • Stichting WerkwIJSS Schoon

Gemeenschappelijke regelingen

Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen - Afvalverwijdering Utrecht (AVU)

Afvalverwijdering Utrecht (AVU)

Programma

Wonen en ruimte

Vestigingsplaats

Soest

Doel

Deze gemeenschappelijke regeling heeft tot doel om op een doelmatige en uit oogpunt van milieuhygiëne verantwoorde wijze sturing en uitvoering te geven aan het afvalstoffenbeleid in de provincie Utrecht. 

Deelnemers

De gemeenten Amersfoort, Baarn, De Bilt, Bunnik, Bunschoten, Houten, Leusden, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Stichtse Vecht, Soest, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Vianen, Wijk bij Duurstede, Woerden, Woudenberg, IJsselstein en Zeist. 

Openbaar belang

Zorgen voor een goede, reguliere en milieu verantwoorde verwerking van door de gemeenten ingezamelde huishoudelijke afvalstromen.  Daarnaast heeft de AVU een adviserende rol naar de deelnemende gemeenten over nationale en internationale ontwikkelingen op afvalgebied.

Bestuurlijk belang

Het college benoemt 1 lid en 1 plaatsvervangend lid in het Algemeen Bestuur. Wethouder Bekker is lid en wethouder van Rooijen plaatsvervangend lid.

Financieel belang

De AVU sluit contracten af met verwerkers voor het transport en de verwerking van diverse afvalstromen. Deze kosten worden op basis van de werkelijke aangeboden volumes bij de deelnemende gemeenten in rekening gebracht samen met de opslag voor de organisatiekosten.

De baten en lasten van de AVU lopen via de begroting van Reinigingsbedrijf Midden Nederland (RMN), zie hierna.
Op basis van de begroting 2027 van de AVU zijn de geprognosticeerde lasten afgerond €  1.289.000.

De kosten zijn als volgt opgebouwd:
Brandbaar afval en GFT                                                              1.418.000
Glas                                                                                                           -/- 18.000*
Papier                                                                                                   -/- 111.000*

* Voor de verwerking van glas en papier geldt dat er sprake is van een netto opbrengst.

Evt. veranderingen

in een belang

N.v.t.

Verhouding eigen

en vreemd vermogen

 

 

1-1-2027

31-12-2027

Eigen vermogen

100.000

0

Vreemd vermogen

15.333.000

15.333.000

In beginsel heeft de AVU geen eigen vermogen. De gerealiseerde overschotten of tekorten worden verrekend met de gemeenten.

Resultaat

De begroting sluit met een saldo van 0. 

Risico’s en weerstandsvermogen

Actuele (externe) risico’s zijn o.a.:

·        Dat de stijgende kosten voor energie, brandstoffen en personeel leiden tot hogere kosten voor de inzameling, overslag, recycling en verwerking van afval;

·        Dat onzekerheid over toekomstige wet- en regelgeving, belastingen en Europese verplichtingen ertoe leidt dat afvalverwerkers en recyclebedrijven investeringen uitstellen, waardoor noodzakelijke innovaties in recycling- en verwerkingstechnieken vertragen;

·        Dat de stagnerende textielmarkt en het wegvallen van buitenlandse afzetmogelijkheden leiden tot overschotten aan ingezameld textiel, lagere opbrengsten en een toename van de hoeveelheid textiel die wordt verbrand;

·        Dat afvalstoffenbelasting, CO2-heffingen en Europese emissiekosten (EU-ETS) leiden tot hogere kosten voor de verwerking van afval.

Door het ontbreken van reserves en voorzieningen heeft de AVU geen weerstandsvermogen. Alle in enig jaar gemaakte kosten worden aan de deelnemers doorberekend. Als gevolg hiervan kunnen schommelingen optreden in de jaarlijks te betalen bijdragen.

Ontwikkelingen

Het Rijk is voornemens om vanaf 2028 jaarlijks €567 miljoen aan extra belastinginkomsten op te halen via extra heffingen op afvalverwerking en CO2-uitstoot. Deze extra heffingen vormen de plasticheffing en zijn opgenomen in de Voorjaarsnota.  Er zijn nog veel onduidelijkheden en onzekerheden, maar als dit door gaat zal de rekening bij de gemeente terecht komen, en dus bij de inwoner (via de afvalstoffenheffing). Of deze extra heffingen daadwerkelijk worden doorgevoerd moet blijken op Prinsjesdag (2026) en tijdens de Algemene Beschouwingen.

De uittreding van de gemeenten De Ronde Venen en Eemnes heeft invloed op de totale hoeveelheden afval die de AVU verwerkt. Om een zuivere vergelijking met voorgaande jaren te kunnen maken, zijn de begrote hoeveelheden hiervoor gecorrigeerd. Na deze correctie blijven de hoeveelheden brandbaar afval en gft-afval nagenoeg stabiel.

Alle deelnemende RMN gemeenten hebben in 2024 het contractbeheer ten behoeve van het transport en de verwerking van de afvalstromen van het recyclestation overgedragen aan AVU/Cirkelwaarde. De gemeenten worden hiermee ontzorgd op het gebied van contractmanagement. Door het bundelen van de krachten en de hoeveelheden afval binnen het netwerk van Cirkelwaarde kunnen er gunstigere tarieven worden gerealiseerd. Dit levert een besparing op van circa 13% voor de gemeenten.

Verplichte Kengetallen Weerstandsvermogen

 

 

Rekening 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Netto schuldquote

0%

0%

0%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

0%

0%

0%

Solvabiliteitsratio

0%

0%

0%

Structurele exploitatieruimte

0%

0%

0%

Toelichting:

De netto schuldquote geeft de verhouding tussen de netto schulden en de inkomsten weer. Omdat de AVU geen netto schulden heeft, is de netto schuldquote 0. De solvabiliteitsratio geeft de verhouding weer tussen het eigen vermogen en het totaal aan vreemd vermogen. Omdat de AVU geen winstoogmerk heeft en niet van tevoren bekend is of er op 1 januari 2027 sprake is van vorderingen op of van gemeenten, worden deze op 0 begroot en in de jaarrekening berekend op basis van de dan bekende werkelijke bedragen. 

Beleidsprestaties

De AVU zorgt voor voldoende opslag- en verwerkingscapaciteit van afval- en grondstoffen die worden ingezameld in de gemeente.

Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen - Belastingsamenwerking Rivierenlanden (BSR)

Belastingsamenwerking Rivierenlanden (BSR)

Programma

Algemene dekkingsmiddelen

Vestigingsplaats

Tiel

Doel

Doel van de BSR is het behalen van financiële, kwalitatieve en procesmatige voordelen door professionalisering van de belasting. BSR zorgt voor het heffen en invorderen van gemeentelijke- en waterschapsbelastingen. Daarnaast zorgt de BSR voor de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken, het beheer en uitvoering van vastgoedinformatie, de uitvoering van de werkzaamheden BAG en de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken (Wet WKPB).

Deelnemers

De deelnemers zijn: de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Culemborg, Druten, Gorinchem, Heumen, IJsselstein, Maasdriel, Montfoort, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal, Wijchen en Wijk bij Duurstede, Waterschap Rivierenland (WSRL) en afvalverwerkingsbedrijf Avri.  

Openbaar belang

Een goede en efficiënte heffing en invordering van de gemeentelijke belastingen. 

Bestuurlijk belang

Het college benoemt 1 lid en 1 plaatsvervangend lid in het Algemeen Bestuur. Wethouder Foekema is lid en wethouder Bekker is plaatsvervangend lid. 

Financieel belang

De reguliere bijdrage voor 2027 bedraagt € 644.600 (na aftrek van de compensabele BTW), gebaseerd op de verrekening van de lasten en baten van de producten: heffen, innen, waarderen en BAG/WKPB.
De kosten zijn als volgt opgebouwd:

OZB woningen

€ 455.000

OZB niet woningen € 54.000
Overige belastingen € 1.000
Rioolheffing € 44.000
Afvalstoffenheffing € 48.000                                        
Basisadm. Gebouwen (BAG) € 81.000

 

Evt. veranderingen

in een belang

Toetreding van gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Druten, Heumen en Wijchen (per 1 januari 2027) aan de GR BSR. 

Verhouding eigen

en vreemd vermogen

 

01-01-2027

31-12-2027

Eigen vermogen

€ 116.000

€ 68.000

Vreemd vermogen

€ 11.651.000

€ 11.484.000

 

Resultaat

Het resultaat na resultaatbestemming is 0.

Risico’s en weerstandsvermogen 

Weerstandsvermogen BSR
In 2009 is besloten dat er geen weerstandsvermogen bij BSR wordt gevormd. Dit betekent dat financiële risico's voor rekening komen van de deelnemers. Bij tegenvallers kan het dus zijn dat deelnemers extra zullen moeten bijdragen.

Belastingopbrengsten deelnemers
Risico’s met betrekking tot de belastingopbrengsten behoren niet tot de bedrijfsrisico’s van BSR. Deelnemers van BSR treffen, indien noodzakelijk, zelf een voorziening om risico’s inzake de belastingopbrengsten te kunnen afdekken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het risico dat belastingplichtigen de belasting niet (kunnen) betalen.

Ontwikkelingen

Het werkveld van belastinguitvoering kenmerkt zich in de komende jaren door veel ontwikkelingen rondom wet- en regelgeving, overgang naar basisregistraties en landelijke voorzieningen, gewijzigde eisen van de Waarderingskamer, wijzigingen in het belastingstelsel, generieke processen, ICT en technologie.
Landelijke voorzieningen / basisregistraties
Er is de komende jaren nog veel werk in het consistent krijgen en houden van de data, alsmede het naadloos op elkaar laten aansluiten van de diverse landelijke basisregistraties. Denk hierbij aan registraties als:
•Basisregistratie Adressen en Gebouwen;
•Basisregistratie Kadaster;
•Basisregistratie WOZ.

Arbeidsmarkt
Vanwege de krapte op de arbeidsmarkt en het verlies van kennis door pensionering zet BSR in op strategische personeelsplanning. Door te investeren in talentontwikkeling, onder andere via stagiaires, en vanaf 2027 ervaren belastingmedewerkers van de gemeente Beuningen/Munitax aan te trekken, wil de organisatie de kwaliteit en continuïteit van haar dienstverlening waarborgen.

Volumegroei BSR

In 2022 heeft het algemeen bestuur de mogelijkheden voor volumegroei verkend als middel om kosten te beheersen, de organisatie minder kwetsbaar te maken en schaalvoordelen te realiseren. Naar aanleiding hiervan heeft adviesbureau Berenschot onderzoek gedaan naar de kansen voor schaalvergroting. Dit onderzoek liet zien dat uitbreiding van het aantal deelnemers kansrijk was.

Deze ontwikkeling heeft inmiddels geleid tot de toetreding van de gemeente Gorinchem per 1 januari 2025. Daarnaast treden per 1 januari 2027 de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Druten, Heumen en Wijchen toe tot de gemeenschappelijke regeling BSR. Daarmee telt BSR vanaf 2027 in totaal 16 deelnemers.

Waarderen naar 4 sterren

BSR is een ambitieuze organisatie. Begin 2026 heeft de Waarderingskamer BSR opnieuw beoordeeld met vier sterren ('goed'). Hiermee voldoet BSR aan de kwaliteitseisen voor de uitvoering van de Wet WOZ, met betrouwbare taxaties, een volledige administratie en tijdige verwerking. BSR streeft ernaar dit kwaliteitsniveau ook de komende jaren te behouden.

Verplichte kengetallen

Weerstandsvermogen

 

Rekening

2025

Begroting

2026

Begroting 

2027

Netto schuldquote

1,8%

3,9%

1,8%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

-

-

-

Solvabiliteitsratio

2,4%

0,4%

0,6%

Structurele exploitatieruimte

-0,5%

0,0%

0,0%

Beleidsprestaties

De BSR verricht de volgende werkzaamheden ten behoeve van IJsselstein:

  1. Heffing en invordering van lokale belastingen.
  2. De uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken, waaronder tevens wordt begrepen de administratie van vastgoedgegevens en het verstrekken van vastgoedgegevens aan de deelnemers en derden.
  3. Het behandelen van reacties van burgers en bedrijven naar aanleiding van de verzonden WOZ-beschikkingen en belastingaanslagen.
  4. Het leveren van informatie uit deze (basis) registraties aan de deelnemers voor zover de wettelijke voorschriften dit toestaan.
  5. Het opzetten en beheren van basisregistraties waaronder de BAG.

Op basis van de producten levert BSR de volgende prestaties. De prestaties worden periodiek gerapporteerd.

  1. minimaal 99% van de belastingaanslagen wordt binnen het belastingjaar opgelegd;
  2. minimaal 99% van de WOZ-beschikkingen wordt binnen het belastingjaar vastgesteld;
  3. maximaal 0,5% van de opgelegde aanslagen wordt oninbaar verklaard;
  4. 92% van de telefonische contacten wordt binnen vijf minuten beantwoord;
  5. digitale correspondentie wordt binnen twee werkdagen en schriftelijke correspondentie binnen vijf werkdagen beantwoord of bevestigd.

 

Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen - GGD Regio Utrecht (GGDrU)

Gemeentelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU)

Programma

Inkomen, jeugd en Wmo

Vestigingsplaats

Zeist

Doel

De GGD regio Utrecht heeft als doel om de taken uit te voeren, die bij of krachtens de Wet publieke gezondheid aan de colleges zijn opgedragen (Volksgezondheid basistaken).

De GGD regio Utrecht voert voor IJsselstein ook taken uit binnen de Jeugdgezondheidszorg (maatwerktaken). Dat omvat onder andere de consultatiebureaus en de schoolartsen.

Daarnaast voert de GGD regio Utrecht enkele specifieke toezichtstaken uit; toezicht op uitvoering door Wmo-zorgaanbieders, en toezicht op grond van de Wet Kinderopvang (Kinderopvang en gastouderbedrijven)

Deelnemers

De gemeenten Ronde Venen, Stichtse Vecht, Woerden, Montfoort, Oudewater, Lopik, IJsselstein, Vijfheerenlanden, Nieuwegein, Houten, Eemnes, Baarn, Bunschoten, Amersfoort, Soest, Leusden, Woudenberg, Veenendaal, Renswoude, Rhenen, Utrechtse Heuvelrug, de Bilt, Bunnik, Zeist, Wijk bij Duurstede en de stad Utrecht.

Openbaar belang

De GGD  voert onderstaande taken voor de gemeente IJsselstein uit:

Basistaken


Gezondheidsbescherming

  • Infectieziektebestrijding (IZB)
  • TBC-bestrijding
  • Medisch milieukundige zorg
  • Technische hygiënezorg; advisering publieksevenementen
  • Seksuele gezondheid; SOA-bestrijding

 

Gezondheidsbevordering

  • Gezondheidsbeleid
  • Onderzoek, gezondheidsmonitor

Toezicht & Advies

  • Inspecties Kinderopvang

 

Crisisfunctie: advies en ondersteuning

 

Intensivering basistaken

 

Gezondheidsbescherming

  • Technische Hygiëne Zorg
  • Advisering Publieksevenementen

 

Gezondheidsbevordering

  • Lokaal onderzoek: Epidemiologische ondersteuning JGZ
  • Projectmanagement Gezondheidsbevordering

 

Toezicht & Advies

  • Inspectie Kinderopvang: Landelijke register
  • Kinderopvang en Lichte handhaving

Basistaken-plus

Gezondheidsbevordering

  • Seksuele gezondheid: Sense 

Toezicht & Advies

  • Forensische zorg
  • Inspecties tatoeage- en piercingshops (via derden)
  • WMO toezicht

 

JGZ 0-18

  • Basistakenpakket

 

 

Maatwerk

Gezondheidsbevordering

  • Gezondheidsbevordering statushouders
  • Extra inzet gezondheidsbevordering
  • Meld- en Adviespunt ‘Bezorgd’
  • Woon Hygiënische Problematiek (WHP)

JGZ maatwerk

  • Stevig Ouderschap
  • Voor- en vroegschoolse educatie (VVE)
  • Intensivering Vroeghulp door JGZ
  • Convenant-beheer verwijsindex
  • Advisering vrijstelling leerplicht



JGZ Overige

  • Huisvesting

 

 

 

 

Bestuurlijk belang

Het college benoemt 1 lid en 1 plaatsvervangend lid in het Algemeen Bestuur. Voor IJsselstein heeft wethouder Bekker zitting in het algemeen bestuur met wethouder Foekema als plaatsvervanger. 

Financieel belang

De begroting 2027 van de GGD heeft een totale omvang van € 72 miljoen (inkomsten) (p23). Hiervan heeft € 57,0 miljoen betrekking op gemeentelijke bijdragen en vergoedingen.

In 2027 zijn de totale kosten van de GGD voor de gemeente IJsselstein begroot op (afgerond) € 1,7 miljoen (p59). De taken van de GGD vallen binnen het taakveld algemene volksgezondheidszorg en het taakveld jeugdgezondheidszorg 0-18 jaar. 

Voor Volksgezondheid algemeen heeft GGD de totale kosten voor de gemeente IJsselstein begroot op € 443K. Daarvan is € 281K inwonersbijdrage voor de collectieve wettelijke taken, € 66K voor de inspecties kinderopvang en 52K voor de extra- en maatwerktaken die de GGD voor de gemeente uitvoert. Daarnaast is nog € 44K begroot voor toezicht Wmo en forensische zorg.

Voor Jeugdgezondheid 0-18 jaar zijn de totale kosten voor de gemeente IJsselstein begroot op 1.237K. Daarvan is € 1.115K inwonersbijdrage voor de collectieve wettelijke taken JGZ 0-18 jaar en € 122K voor extra taken (zie begroting). 

Evt. veranderingen

in een belang

Niet van toepassing.

Verhouding eigen en vreemd vermogen

 

 

1-1-2027

31-12-2027

Eigen vermogen

4.521.000

4.619.000

Vreemd vermogen

       30.035.000

28.765.000

(p44)

Resultaat

De GGDrU voorziet voor 2027 een sluitende begroting. Dit is inclusief een dotatie van 98K aan de  bestemmingsreserve "Monitor Volwassenen". (p45)

Risico’s

De deelnemende gemeenten staan garant voor de betaling van rente en aflossing van de geldleningen en rekening-courant schulden die door de GGD zijn aangegaan. De garantstelling door de deelnemende gemeenten is naar verhouding van de inwonertallen op 1 januari van het jaar waarin de garantieverplichting tot stand is gekomen.

Op basis van de risico-inventarisatie door de GGD is de benodigde weerstandscapaciteit 1.710K (p36). De beschikbare weerstandscapaciteit is  2.486K. Daarmee komt de verhouding op 1: 1,454. Hiermee zijn de financiële risico’s eind 2027 voldoende afgedekt. Enkel indien dit sterk zou verslechteren ontstaat er een risico dat deelnemende gemeenten extra moeten bijdragen om tegenvallers op te vangen.

De GGDrU stelt 2x per jaar een rapportage op van de afgenomen extra maatwerktaken door de Gemeente IJsselstein. Eventuele voorziene over- of onderschrijdingen worden hier in beeld gebracht. Op dit moment blijken hieruit geen bijzondere risico's.

Ontwikkelingen

GALA/IZA

Om te zorgen dat alle Nederlanders die dit nodig hebben zorg kunnen blijven ontvangen, zijn in het Integraal Zorg Akkoord (IZA) afspraken gemaakt over samenwerking, preventie en het versterken van de eerstelijnszorg. En in het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) bouwen we aan het fundament voor een gerichte lokale en regionale aanpak op het gebied van preventie, gezondheid en sociale basis. Een beweging naar de voorkant is nodig, de urgentie is groot met als stip op de horizon een gezonde generatie in 2040.
GGDrU heeft gemeenten ondersteund in deze ontwikkeling, door het beschikbaar stellen van monitoringsinformatie, advisering op de GALA plannen en het Regioplan en coördinatie van regionale en/of lokale aanpak van bijvoorbeeld valpreventie.

Infectieziektebestrijding

GGDrU werkt in 2027 samen met ketenpartners en inwoners aan de publieke gezondheid. Team Infectieziektebestrijding adviseert zowel inwoners als zorgprofessionals over infectieziektes en hoe zij zich kunnen beschermen en hoe zij verspreiding kunnen voorkomen. Daarnaast wordt ingezet om de trend van de dalende vaccinatiegraad in de regio Utrecht te keren.

Tuberculosebestrijding

In 2027 wordt een nieuw nationaal plan gepresenteerd waarbij eerder uitgezette lijnen verder gevolgd worden. Er wordt in 2026 ingezet op genezing en preventie. Daarnaast wordt samengewerkt om de kwaliteit van de tbc-bestrijding te blijven garanderen.

Verplichte Kengetallen Weerstandsvermogen

 

 

Rekening 2025

Begroting 2026

Raming 2027

Netto schuldquote

2,5%

10,7%

7,8%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

2,5%

10,7%

7,8%

Solvabiliteitsratio

23,1%

9,3%

13,8%

Structurele exploitatieruimte

0,0%

0,0%

0,0%

(p37)

Toelichting

De netto schuldquote het percentage voor 2027 van 7,8% bevindt zich in de categorie 'minst risicovol’ aangezien deze lager is dan negentig procent. De verhouding stijgt ten opzichte van de realisatie 2025, dit wordt veroorzaakt door de incidentele baten vanuit VIP welke een gunstig effect had op het kengetal 

De solvabiliteit 2026 laat een beperkte daling zien ten opzichte van de realisatie 2025, dit als gevolg van de geprognotiseerde
onttrekkingen aan de reserves in 2026. De solvabiliteitsratio van 13,8%  bevindt zich in de categorie "meest risicovol" aangezien deze lager is dan 20%.

 

Beleidsprestaties

De prestatie van de GGDrU valt uiteen in 2 beleidsvelden; Volksgezondheidszorg en Jeugdgezondheidzorg. Beide zijn onderdeel van programma 5 van de begroting.

De gewenste beleidsprestaties voor de 2 beleidsvelden zijn in meer detail te lezen in de nota Ijsselstein Gezond en Vitaal 2021-2025. Het is onze missie om samen met inwoners en samenwerkingspartners ervoor te zorgen dat iedereen in IJsselstein de mogelijkheid heeft om gezonde en vitale keuzes te maken. Om goed in te kunnen spelen op de (gezondheids-)ontwikkelingen van de komende jaren, focust dit beleid op:

  • Preventie: Vroegtijdige signalering en inzet om de gevolgen van gezondheidsrisico’s te verminderen en te voorkomen.
  • Verantwoordelijkheid: Inwoners zijn zelf verantwoordelijk voor de keuzes die zij maken met betrekking tot hun gezondheid en vitaliteit.
  • Normaliseren: Iedereen krijgt in het leven te maken met tegenslagen die de gezondheid en vitaliteit kunnen beïnvloeden. Dit hoort bij het leven. Hierbij willen we niet onnodig etiketten of labels te plakken.
  • Faciliteren: De gemeente en haar partners maken het mogelijk dat inwoners gezonde en vitale keuzes kunnen maken.
  • Stimuleren: Gezamenlijke inzet van gemeente, professionals en inwoners om inwoners te stimuleren meer gezonde en vitale keuzes te maken.
  • Ondersteunen: Wanneer het op eigen kracht niet (meer) gaat kunnen inwoners op ondersteuning of hulp rekenen.

De nota bevat de volgende 4 thema’s:

  • Gezonde Leefstijl
  • Vitale Stad
  • Mentale Gezondheid
  • Vitaal van jong tot oud

De GGDrU levert de algehele basis aan preventieve gezondheidszorg en voert, in samenwerking met de gemeente Ijsselstein en partners, projecten en programma’s uit om doelstellingen binnen de thema’s te realiseren.

De prestatie die in de jeugdgezondheidszorg geleverd moet worden is via het wettelijke JGZ-basis-pakket, vastgelegd door de minister. Hiernaast worden er extra diensten ingekocht die jaarlijks vastgelegd worden in een maatwerkovereenkomst.

Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen - Recreatieschap Stichtse Groenlanden (RSG)

Recreatieschap Stichtse Groenlanden (RSG)

Programma

Onderwijs, sport en cultuur

Vestigingsplaats

Utrecht

Doel

De regeling is in 1999 getroffen om de belangen van de deelnemende gemeenten te behartigen bij de recreatie (openlucht) en de bescherming van natuur en landschap in de deelnemende gemeenten.

Het RSG heeft onder andere de taak om de inwoners van de stadsregio Utrecht een gevarieerd aanbod aan recreatievoorzieningen in de openlucht te bieden dat aansluit op de vraag van de regionale bevolking.

Deelnemers

De gemeenten De Bilt, Houten, Lopik, Nieuwegein, Stichtse Vecht, Utrecht, Woerden, De Ronde Venen, IJsselstein en de provincie Utrecht.

Openbaar belang

Het RSG behartigt de belangen van de dagrecreatie in het landelijk gebied, waarbij de zorg voor natuur en landschap een belangrijke plaats inneemt.

Het schap ontwikkelt, beheert en onderhoudt diverse dagrecreatieterreinen, paden en bruggen. Daarnaast maakt het schap allerlei vormen van recreatie mogelijk. Zoals bijvoorbeeld wandelen, fietsen, paardrijden en kanovaren.

Het schap regelt verder met name bezig met de zogenaamde basisvoorzieningen. Dit zijn algemene voorzieningen, die gratis en vrij toegankelijk zijn. Voorbeelden hiervan zijn fiets- en wandelpaden in de natuurgebieden.

Bestuurlijk belang

Het college benoemt 1 lid en 1 plaatsvervangend lid in het Algemeen Bestuur. Wethouder van Rooijen is lid en wethouder Bekker plaatsvervangend lid.

Financieel belang

In 2018 is de gemeente De Ronde Venen toegetreden tot de regeling. Besloten is dat de financiële huishouding binnen het recreatieschap voorlopig wordt gescheiden in 2 delen: het werkgebied van Stichtse Groenlanden van voor 2018 (programma A) en het werkgebied de Vinkeveense Plassen (programma B) dat de gemeente De Ronde Venen heeft ingebracht. 

In 2027 draagt IJsselstein € 165.109 bij aan programma A van het recreatieschap, gebaseerd op een vast bedrag per inwoner. Programma B Vinkeveense Plassen ontvangt deelnemersbijdragen van Provincie Utrecht en gemeente De Ronde Venen. De gemeente IJsselstein draagt niet bij aan programma B.

Evt. veranderingen in een belang

Niet van toepassing.

Verhouding eigen en vreemd vermogen

 

01-01-2027

31-12-2027

Eigen vermogen

€3.884.919

€3.925.501

Vreemd vermogen

€10.637.415

€10.315.787

 

Resultaat

Het jaar 2027 kent een sluitende begroting.

Risico’s

Als het weerstandsvermogen van het recreatieschap onvoldoende is, kunnen van de deelnemers hogere bijdragen worden verlangd.  Daarnaast hebben de risico’s van het recreatieschap met name betrekking op de realisatie van de in de begroting opgenomen opbrengsten en exploitaties van de recreatieterreinen. Het financiële handelen van Staatsbosbeheer (de beheer- en uitvoeringsorganisatie) is van invloed op de financiën van het recreatieschap. De samenwerking met SBB wordt gemonitord en geëvalueerd om zodoende zicht te houden dat de uitvoering binnen het beleid en de financiële kaders past van het schap.  

Ontwikkelingen

Het recreatieschap heeft de uitvoering van zijn werkzaamheden - Beheer & Onderhoud, Toezicht &Handhaving, Exploitatie, Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning - belegd bij  SBB. Recreatieschap Midden-Nederland was tot 1 januari 2023 de uitvoeringsorganisatie voor recreatieschap Stichtse Groenlanden, Plassenschap Loosdrecht e.o. en Routebureau Utrecht.

In 2025 zijn de laatste reguliere onderhoudsbestekken geactualiseerd op basis van het Terrein Beheer Model. Vanaf 2026 worden alle reguliere onderhoudsbestekken volgens deze nieuwe werkwijze uitgevoerd. In 2027 zullen de eerste resultaten hiervan zichtbaar worden. De focus ligt dan op het verder optimaliseren van de werkwijze en het waar mogelijk digitaliseren van de bijbehorende processen.

Met de implementatie van de producten- en dienstencatalogus (PDC) wordt inzichtelijk en transparant welke inzet Staatsbosbeheer levert voor het verwerken van beheerinformatie en het uitvoeren van terreininspecties. Indien de implementatie van de PDC daartoe aanleiding geeft, wordt een begrotingswijziging voorgesteld voor de dienstverlening door Staatsbosbeheer.

Daarnaast wordt in overleg met de deelnemers en het bestuur invulling gegeven aan de ondersteuning van het recreatie-, landschaps- en natuurbeheer, de inzet van vrijwilligers en de betrokkenheid van de samenleving bij het (natuur)beheer. Waar mogelijk wordt gekozen voor ecologisch beheer om de biodiversiteit verder te versterken.

Vanaf 2029 is in de begroting rekening gehouden met de voorgenomen uittreding van de gemeente IJsselstein uit de gemeenschappelijke regeling. De financiële impact hiervan wordt voorlopig geraamd op €44.000 per jaar. Om dit op te vangen zijn de bijdragen van de overige deelnemers aan SGL-A naar rato verhoogd. De definitieve financiële gevolgen worden nog vastgesteld op basis van een onafhankelijke berekening door een externe partij. 

Verplichte Kengetallen Weerstandsvermogen

 

Rekening 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Netto schuldquote

8%

73%

59%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

8%

73%

59%

Solvabiliteitsratio

37%

30%

27%

Structurele exploitatieruimte

0,9%

1,3%

1,6%

Beleidsprestaties

In de economische visie van IJsselstein vormt de basis voor de beleidsprestaties van RSG. Recreatie draagt volgens de economische visie bij aan ‘beleving’ van de stad IJsselstein.

Dit is vervolgens concreet vertaald naar (1) het versterken van de identiteit door positionering in het Groene Hart. En naar (2) versterken van de samenhangende recreatieve groenstructuur rondom Utrecht (met partners waaronder het recreatieschap) onder andere via investering in het Hollandsche IJsselgebied aan de Noord IJsseldijk en het behouden van goed verbindingen met de Nedereindse plas en de Lek- en IJsseldijk.

 

Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen - Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard (RHC)

Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard (RHC)

Programma

Onderwijs, sport en cultuur

Vestigingsplaats

Woerden

Doel

Het beheer van de archieven in de archiefbewaarplaatsen en het toezicht op het beheer van de archiefstukken voor zover deze niet naar een archiefbewaarplaats zijn overgebracht.

Deelnemers

Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en de gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Lopik, Montfoort, Oudewater, Woerden en IJsselstein.

Openbaar belang

Op grond van de Archiefwet moeten besturen van overheden ervoor zorgen dat hun archieven in goede en geordende staat verkeren. Dit wordt uitgevoerd door archiefdiensten. Op grond van diezelfde wet zijn alle overheidsarchieven van 20 jaar en ouder in principe openbaar en voor iedereen kosteloos te raadplegen.  Het RHC vervult de functie van regionaal kennis- en informatiecentrum op het gebied van de lokale en regionale geschiedenis. Door het opbouwen en beheren van een zo breed mogelijke collectie (regionaal) historische bronnen en deze op een zo actief mogelijke wijze dienstbaar maken voor een breed publiek. 

Bestuurlijk belang

De regeling heeft één bestuur. Dit wordt de Archiefcommissie genoemd. Het college benoemt 1 lid en 1 plaatsvervangend lid in dit bestuur. De burgemeester is lid en wethouder Foekema plaatsvervanger.

Financieel belang

Voor 2027 is de bijdrage op € 191.193 geraamd (waarvan € 13.545 teruggevraagd kan worden uit het BTW-compensatiefonds). 

Evt. veranderingen in een belang

Niet van toepassing.

Verhouding eigen en vreemd vermogen

Het RHC heeft geen eigen en vreemd vermogen.

Resultaat

De begroting sluit met een saldo van 0. 

Risico’s

RHC heeft geen weerstandsvermogen. Financiële risico's zijn voor rekening van de deelnemers. 

De risico’s ten aanzien van deelname zijn beperkt. Het RHC levert in het algemeen de prestaties, die we van haar verwachten. 

Ontwikkelingen

In de begroting 2027 is, net als in voorgaande jaren, uitgegaan van de aansluiting van een nieuwe deelnemer op het e-depot. Door de introductie van het pre-depot als tussenstap is de ontwikkeling van het e-depot in een andere fase terechtgekomen en is de directe druk op de overbrenging van digitale informatie afgenomen. Desondanks blijft het van belang dat het RHC voorbereid is op de opname van overgebracht digitaal archief, aangezien dit tot de kerntaken van de organisatie behoort. Daarnaast is in de begroting rekening gehouden met de behoefte van deelnemers aan een duurzame opslagvoorziening voor videotulen binnen het e-depot.

De arbeidsvoorwaarden voor gemeentepersoneel liggen vast tot en met 2027, waardoor de ontwikkeling van de salariskosten voor het begrotingsjaar grotendeels voorspelbaar is. Daarnaast blijkt uit de eerste resultaten van de HR21-functiewaardering dat deze niet leidt tot aanvullende loonkosten. Voor de meerjarenraming is uitgegaan van een loonontwikkeling van 2,5% in het eerste jaar, gevolgd door 2,0% in de daaropvolgende periode.

Voor de overige uitgaven, waaronder de dienstverleningsovereenkomst (DVO) met de gemeente Woerden voor huisvesting en ondersteunende diensten, is de prijsontwikkeling bepalend. Gezien de aanhoudende economische onzekerheid en de kans op een hogere inflatie is voor deze contracten rekening gehouden met een indexatie van 3,8%. De kosten binnen de DVO met de gemeente Woerden worden op een gedempte wijze geïndexeerd. 

Verplichte Kengetallen Weerstands-vermogen

Het RHC heeft geen balanspositie en dus geen kengetallen. Het RHC werkt niet met reserveringen. Een eventueel positief saldo wordt in beginsel altijd in mindering gebracht op de bijdrage voor het volgende jaar. De hoogte van de bijdrage kan hierdoor bij benodigde investeringen (extra) stijgen. De begrotingssystematiek van het RHC wijkt af ten opzichte van veel andere gemeenschappelijke regelingen. Centrumgemeente Woerden neemt op grond van de gemeenschappelijke regeling de financiële verantwoording van het RHC in de gemeentelijke jaarrekening mee, waarin de hier genoemde begrotingsposten worden opgenomen. De provincie Utrecht ging in 2018 akkoord met handhaving van de bestaande inrichting van de begroting en acht het niet nodig om alle voorschriften van het vernieuwde BBV in de (bescheiden) begroting van het RHC te doen verwerken. 

Beleidsprestaties

Het RHC voert de Archiefwet uit voor de bij het RHC aangesloten gemeenten en het hoogheemraadschap. De missie van het RHC is om burgers en bestuur te voorzien van betrouwbare historische informatie over het werkgebied op basis van archieven en collecties die het RHC beheerd. Daarnaast waakt het RHC vanuit de inspectietaak over de duurzame toegankelijkheid van de archieven. 

 

Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen - Reinigingsbedrijf Midden Nederland (RMN)

Reinigingsbedrijf Midden Nederland (RMN)

Programma

Wonen en ruimte

Vestigingsplaats

Soest

Doel

Deze gemeenschappelijke regeling heeft als doel het realiseren van een effectieve, efficiënte en kwalitatief hoogwaardige en klantgerichte uitvoering van de afval- en reinigingstaken voor alle deelnemende gemeenten. Deze uitvoering zorgt voor een schone, hele en veilige buitenruimte. 

Deelnemers

De gemeenten Baarn, Bunnik, Houten, IJsselstein, Nieuwegein, Soest en Zeist.

Openbaar belang

RMN is afval- en grondstoffenexpert, opereert zelfbewust en draagt actief bij aan circulaire doelen en duurzaamheidsdoelen.

RMN voert de volgende taken voor de gemeente uit:

  • verzorgen van grondstof- en afvalbeheer door middel van inzameling; 
  • verzorgen  van grondstof- en afvalbeheer door middel van het beheren van milieu straten; 
  • mechanisch straatvegen en handvegen, het verwijderen van zwerfafval op grijs, verzorgen van onkruidbestrijding, het reinigen van honden uitlaatstroken, het legen van prullenbakken en het legen en reinigen van kolken;
  • verzorgen van gladheidbestrijding en 
  • verzorgen van plaagdierbestrijding. 

Dit zijn de basistaken van de regeling. Gemeente IJsselstein neemt geen additionele taken af van de RMN.

Bestuurlijk belang

 Het college benoemt 1 lid en 1 plaatsvervangend lid in het Algemeen Bestuur. Wethouder Bekker is voorzitter in het dagelijks bestuur en lid van het algemeen bestuur van Reinigingsdienst Midden-Nederland. Wethouder van Rooijen is plaatsvervangend lid in het algemeen bestuur van Reinigingsdienst Midden-Nederland.

Financieel belang

RMN brengt de kosten van de taken bij de deelnemende gemeenten in rekening. De begroting bestaat uit vaste kosten (bv de uren van de medewerkers) en verrekenbare kosten (bv op basis van aangeboden tonnages afval). De baten en lasten van de AVU zijn opgenomen in de begroting van RMN. In de begroting zijn conform de BBV de van toepassing zijnde taakvelden opgenomen. 

Op basis van de ontwerpbegroting 2027 zijn de volgende bedragen opgenomen voor de gemeente IJsselstein (incl. de AVU):

Basistaken:

Afvalverwerking:       € 4.994.000    (afvalinzameling en beheer recyclestation);

Overige taken:            € 1.546.000    (gladheid-, plaagdieren- en onkruidbestrijding, kolkenreiniging en straatreiniging etc.);

Een overschot of tekort op de afvalverwerking wordt in de jaarrekening van de gemeente geëgaliseerd met de egalisatiereserve afvalstoffenheffing.

Evt. veranderingen

in een belang

N.v.t. 

Verhouding eigen en vreemd vermogen

 

1-1-2027

31-12-2027

Eigen vermogen

0

0

Vreemd vermogen

33.858.000

35.362.000

Cijfers zijn gebaseerd op meerjarenoverzicht balans begroting 2027 RMN.

Resultaat

De begroting sluit met een saldo van € 200.000. Om de weerbaarheid binnen het financiële kader van het RMN te vergroten wordt in 2027 rekening gehouden met een post onvoorzien van €200.000.

Risico’s en weerstandsvermogen

De deelnemende gemeenten dragen voor de basistaken naar evenredigheid bij voor wat betreft zeggenschap en financiële risico's. De voordelen en nadelen van de additionele taken zijn volledig voor de afnemende deelnemer.

Het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre RMN in staat is niet-structurele financiële risico's op te vangen en de uitvoering van haar taken voort te zetten. Het wordt bepaald door de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de financiële risico's waarvoor geen dekking aanwezig is. Daarmee is het een belangrijke indicator voor de financiële gezondheid van RMN, zowel voor het verslagjaar als voor de meerjarenraming.

De weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve, de bestemmingsreserve en het gerealiseerde resultaat na bestemming. Ultimo 2025 bedraagt de weerstandscapaciteit nihil (2024: € 217.580), omdat de deelnemende gemeenten hebben besloten het gestorte vermogen terug te betalen.

In de begroting van de RMN worden ook risico’s beschreven met een inschatting van de kans op het risico, inclusief een bedrag eraan gekoppeld. Veel risico’s zijn grotendeels afgedekt door het onderbrengen ervan bij solide verzekeraars en door het voeren van een gericht beleid om de risico’s te beperken. De belangrijkste beheersing zit echter op het verbeteren van het inzicht in de beheersmaatregelen en het sturen op de uitvoering  van de maatregelen binnen de bedrijfsvoering RMN.

In 2024 heeft RMN de risico's voor het eerst structureel in kaart gebracht volgens de MAPGOOD-methode. Deze methode, die aansluit bij de eisen van ISO 14001, beoordeelt risico's vanuit de invalshoeken Mensen, Apparatuur, Programmatuur, Gegevens, Organisatie, Omgeving en Diensten. De geïdentificeerde risico's worden gewaardeerd op basis van kans en impact, waarna wordt bepaald of beheersmaatregelen nodig zijn. De risicoanalyse wordt periodiek geactualiseerd. 

Ontwikkelingen

De gemeente Houten heeft RMN verzocht per 1 januari 2027 toe te treden tot de gemeenschappelijke regeling. Daarom is de dienstverlening aan Houten voor het eerst opgenomen in de begroting 2027. De toetreding leidt tot een uitbreiding van de organisatie en een beperkte toename van de overhead. Doordat deze kosten over zeven in plaats van zes gemeenten worden verdeeld, leidt dit per saldo niet tot hogere lasten voor de huidige deelnemende gemeenten. De taakoverdracht vindt gefaseerd plaats. Vanaf 1 januari 2027 verzorgt RMN de afvalinzameling. De exploitatie van het recyclestration en de overdracht van de BOR taken worden op een later moment overgenomen. Alle eenmalige projectkosten van de toetreding komen voor rekening van de gemeente Houten.

De gemeenten hebben aandacht gevraagd voor kostenbeheersing en een begroting die aansluit bij de beschikbare financiële middelen. Door verwachte verhogingen van de afvalstoffenbelasting en CO2-heffing vanaf 2028 zullen de kosten voor afvalverwerking naar verwachting fors stijgen. Het beperken van de hoeveelheid restafval wordt daarom steeds belangrijker om de afvalinzameling betaalbaar en duurzaam te houden. 

Verplichte Kengetallen Weerstandsvermogen

 

 

Rekening 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Netto schuldquote

61,6%

70,4%

65%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

61,6%

70,4%

65%

Solvabiliteitsratio

1,4%

0,0%

0,0%

Structurele exploitatieruimte

1,2%

0,5%

0,4%

Toelichting:

De netto schuldquote geeft de verhouding tussen de netto schulden en de inkomsten, oftewel (schulden – kortlopende vorderingen) / totale baten. De solvabiliteitsratio geeft de verhouding weer tussen het eigen vermogen en het totaal aan vreemd vermogen, dat is hier: (eigen vermogen / totaal vermogen) in %.

RMN werkt als non-profit organisatie zonder winstoogmerk en keert eventuele overschotten uit aan de deelnemende gemeenten. De deelnemende gemeenten staan garant voor eventuele tekorten. 

Beleidsprestaties

Het Meerjarenbeleidsplan RMN 2022-2025 ‘basis op orde, samen bouwen aan RMN’ is vastgesteld in februari 2022. Naar verwachting zal in de tweede helft van 2026 het nieuwe algemeen bestuur een nieuw meerjarenbeleidsplan 2026- 2030 voor RMN vaststellen.

RMN heeft als scope producten en (advies-)diensten te leveren, die gerelateerd zijn aan: 

•    Het inzamelen van grondstoffen en restafval huis aan huis
•    Het inzamelen van grondstoffen en restafval via recyclestations
•    Het beheren van een schone, hele en veilige buitenruimte

Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen - Omgevingsdienst Utrecht (ODU)

Omgevingsdienst Utrecht (ODU)

Programma

Wonen en ruimte

Vestigingsplaats

Utrecht

Doel

De Omgevingsdienst Utrecht (hierna: ODU) is per 1 januari 2026 formeel van start gegaan met de taakuitvoering die tot en met 2025 door de RUD Utrecht en ODRU werd uitgevoerd. Daarmee is een belangrijke stap gezet in het versterken en bundelen van de milieutaakuitvoering in de provincie Utrecht. De ODU werkt voor alle gemeenten en de provincie in de provincie Utrecht aan de missie:
“Een gezonde, veilige en duurzame provincie Utrecht; nu en in de toekomst.”

Omgevingsdienst Utrecht is verantwoordelijk voor het verlenen van milieuvergunningen en toezicht houden, handhaven en adviseren op het gebied van de fysieke leefomgeving voor de provincie Utrecht én voor alle 26 Utrechtse gemeenten.

Deelnemers

De eigenaar-gemeenten zijn: de gemeenten Amersfoort, Baarn, Bunnik, Bunschoten, De Bilt, De Ronde Venen, Eemnes, Houten, IJsselstein, Leusden, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Soest, Stichtse Vecht, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden, Woudenberg, Zeist en provincie Utrecht.

Openbaar belang

Een juiste en efficiënte uitvoering van de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving.

Bestuurlijk belang

Het college benoemt 1 lid en 1 plaatsvervangend lid in het Algemeen Bestuur. Wethouder Bekker is lid en wethouder van Rooijen plaatsvervanger. Daarnaast is wethouder Bekker lid van het Dagelijks Bestuur. 

Financieel belang

De gemeente IJsselstein heeft in 2027 18.733 uren begroot bij de ODU.  https://ijsselstein.notubiz.nl/document/16800371/1/%28Ontwerp%29+Programmabegroting+2027+ODU__353626__?connection_type=1&connection_id=10265807De totale bijdrage aan de ODU in 2027 komt hiermee uit op ongeveer € 2,5 miljoen.

Evt. veranderingen in een belang

Niet van toepassing.

Verhouding eigen en vreemd vermogen

 

1-1-2027

31-12-2027

Eigen vermogen

 

3.200.000

Vreemd vermogen

 

1.674.000

Op dit moment zijn de definitieve standen per 1 januari 2026 van de afzonderlijke balansposten nog niet bekend omdat de jaarrekeningen 2025 nog worden vastgesteld. In de begroting 2027 wordt om deze reden uitgegaan van een inschatting van de beginstanden per begin boekjaar 2027.

Resultaat

De begroting 2027 is sluitend (resultaat € 0). 

Risico’s

ODU heeft in de begroting 2027 de risicoanalyse gebaseerd op de reguliere systematiek voor het bepalen van de risico’s en past bij een stabiele organisatie. De ODU bevindt zich in 2026 en 2027 echter nog in de fase van opbouw en doorontwikkeling (van fusie naar fundament). Door onder meer organisatieontwikkeling, harmonisatie van werkprocessen en de ontwikkeling van de productie zijn de feitelijke risico’s in deze periode groter dan in de tabel (p.24 begroting 2027 ODU) tot uitdrukking komt. Dit vraagt om voldoende extra financiële ruimte om tegenvallers op te kunnen vangen.

De ratio weerstandsvermogen geeft weer in welke mate de ODU in staat zal zijn om onvoorziene risico’s te dekken. Op basis van de geprognosticeerde situatie op 31-12-2027 komt de ratio uit op 1,59. Afgezet tegen de opgestelde normen door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement scoort de ODU hiermee ruim voldoende.

Ontwikkelingen

De ODU opereert binnen een landelijk VTH-stelsel dat in ontwikkeling is. In 2027 geeft de ODU nadrukkelijk invulling aan landelijke afspraken en kaders die zijn gericht op versterking van uniformiteit, kwaliteit en robuustheid van de uitvoering. Daarbij vormt het Meerjarenprogramma Versterking VTH-stelsel (MVV) een belangrijk richtsnoer, evenals de robuustheidscriteria die landelijk zijn vastgesteld. Ook het landelijke programma Digitalisering VTH dat zich richt op het verbeteren van digitale informatie-uitwisseling en samenwerking tussen overheden heeft effect op de ontwikkeling die de ODU in 2027 doormaakt. De ODU heeft per 2026 aantoonbaar voldaan aan de robuustheidscriteria. In 2027 ligt de nadruk op het bestendigen daarvan.

Verplichte Kengetallen Weerstands-vermogen

 

Rekening  2025

bijgestelde Begroting  2026

Begroting 2027

Netto schuldquote

    -3,59%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

   

     niet van toepassing

Solvabiliteitsratio

    6,28%

Structurele exploitatieruimte

    0,00%
  • De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van ODU ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie.  De ODU heeft geen leningen en verwacht deze ook niet voor eind 2026 aan te hoeven trekken. 
  • Solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de ODU in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de ratio, hoe groter de weerbaarheid van de ODU.
  • Het laatste kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief of nihil percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. 

Beleidsprestaties

De Omgevingsdienst Utrecht (ODU) levert een directe bijdrage aan een gezonde, veilige, schone en duurzame leefomgeving in de provincie Utrecht. Dit doet ODU door de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhavingstaken (VTH) en door advisering op het gebied van milieu. Daarnaast voert ODU voor een aantal deelnemers ook bouwtaken uit, waaronder vergunningverlening en toezicht & handhaving op de Wkb. Ook geeft ODU voor een aantal gemeenten invulling aan hun educatieve rol via programma’s op het gebied van natuur- en milieueducatie, onder meer met de natuur- en duurzaamheidscentra (NDC’s).

 

Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen - VeiligheidsRegio Utrecht (VRU)

 

Veiligheidsregio Utrecht (VRU)
Programma
Openbare orde en veiligheid
Vestigingsplaats Utrecht
Doel Het doel van de VRU is om te zorgen voor de kwaliteit van rampenbestrijding, crisisbeheersing en noodhulpverlening in de regio Utrecht te verbeteren. Door een intensieve samenwerking tussen gemeenten en de diverse hulpdiensten ontstaat een organisatie die bestuurlijk en operationeel gezien slagvaardig kan optreden bij crisisbeheersing en rampenbestrijding.

 

Deelnemers

 

Alle gemeenten in de Provincie Utrecht
Openbaar belang Adequate rampen- en crisisbeheersing
Ter behartiging van dit belang vervult de veiligheidsregio vier kerntaken:
1. Het ondersteunen en beheren van de regionale brandweerzorg, bevolkingszorg en de geneeskundige
hulpverlening bij ongevallen en rampen (GHOR);
2. Het samen met de politie inrichten en in stand houden van een gemeenschappelijke meldkamer (GMU);
3. Het geven van adviezen over proactief en preventie aan de gemeentebesturen;
4. De voorbereiding van de crisisbeheersing en rampenbestrijding.
Bestuurlijk belang Het Algemeen Bestuur bestaat uit de fungerend burgemeesters van de deelnemende gemeenten (artikel 11 lid 1 Wet veiligheidsregio’s).
Financieel belang

De bijdrage voor 2027 bedraagt € 2.370.000 ( p18 vastgestelde begroting VRU 2027, bestaande uit gezamenlijke
basistakenpakket (GBTP) en individueel gemeentelijk pluspakket (IGPP). Voor de volledige begroting verwijzen

 

 

Eventuele veranderingen in een belang Geen: de wijziging in het financieel belang betreft voornamelijk reguliere indexatie van de bijdrage en een verhoging van de bijdrage als gevolg van de keuze rond het toekomstscenario. Dit zorgt voor een verhoging in bijdrage van alle deelnemers.
Verhouding eigen en vreemd vermogen
  1-1-2027 31-12-2027
Eigen vermogen 31.876.000 31.744.000
Vreemd vermogen 74.659.000 94.002.000

(p82)

Resultaat

De Begroting 2027 van de VRU laat een positiefresultaat voor mutaties reserves zien van 2.236K (p75).  Dit positieve resultaat wordt met stortingen en onttrekkingen uit diverse reserves verrekend.

Risico's en weerstandsvermogen

In het algemeen geldt dat aan het aangaan van een gemeenschappelijke regeling ‘systeemrisico’s’ verbonden zijn. Voor sturing op beleid van de gemeenschappelijke regeling zijn de deelnemende gemeenten deels afhankelijk van besluitvorming in het AB, wat impliceert, dat gemeentelijke invloed beperkt is. Tegelijkertijd dragen deelnemende gemeente de financiële risico's wanneer tegenvallers zich voordoen waarvoor het weerstandsvermogen van de regeling onvoldoende blijkt.

Op basis van de risico-inventarisatie door de VRU is de benodigde weerstandscapaciteit  3.004K. (p67) De beschikbare weerstandscapaciteit is eveneens 3.004K. In het voorstel voor resultaatbestemming bij de jaarstukken 2025 is een storting van € 1,2 miljoen in de (algemene) bedrijfsvoeringsreserve opgenomen. Dit is nodig om het weerstandsvermogen van de VRU op het noodzakelijke niveau te brengen. Uit de recente risico-inventarisatie blijkt dat de risico's zijn toegenomen wat resulteert in een hoger benodigd weerstandsvermogen. Een belangrijke factor hierbij is het risico op een korting van 10% op de Rijksbijdrage (BDuR) vanaf 2026. Daarnaast is het bestaande risico met betrekking tot de vrijwilligheid (verplichtend karakter) nader gekwantificeerd.

Omgevingswet

De omgevingswet is per 1 januari 2024 ingevoerd. Het Rijk en de bestuurlijke partners hebben afspraken gemaakt over het monitoren en evalueren van de financiële gevolgen van de stelselherziening Omgevingswet. De inzet is dat de wet budgetneutraal wordt ingevoerd, waarbij de minister heeft afgesproken op zoek te gaan naar oplossingen als uit de financiële evaluatie blijkt dat de invoeringskosten substantieel hoger zijn dan eerder voorzien.

Verplichtend karakter brandweervrijwilligers

Europese wetgeving duidt er op dat vrijwilligers als deeltijdwerkers beschouwd moeten worden zodra sprake is van een verplichtend karakter. Er bestaat een reëel risico dat de kosten voor brandweerzorg daardoor significant zullen gaan stijgen.

Overeenkomsten van opdracht voor eigen personeel (OVO's)

Verschillende werkzaamheden worden uitgevoerd op basis van een overeenkomst van opdrachten. Er bestaat een risico dat deze werkzaamheden als een (fictieve) dienstbetrekking gezien moeten worden.  Voor het berekenen van extra werkgeverslasten zoals loonheffing en werkgeverslasten wordt een opslagpercentage toegepast van 5-%. De kans dat dit risico zich voordoet is ingeschat op klein (25%).

CAO Regeling Vervroegd Uittreden

In de huidige CAO is een tijdelijke regeling voor vervroegd uittreden (RVU) opgenomen. Medewerkers hebben op basis van deze regeling de mogelijkheid eerder met pensioen te gaan. De VRU keert vervolgens maandelijks een bedrag uit totdat de medewerker de AOW-leeftijd heeft bereikt. Het financieel effect van de tijdelijke Regeling voor Vervroegd Uittreden (RVU) is niet verwerkt in de begroting 2026 en daarmee is voor de RVU geen dekking in de begroting opgenomen. In de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit is wel een bedrag hiervoor opgenomen.

Ontwikkelingen

In 2023 heeft het AB VRU de bestuursagenda 2024-2027 vastgesteld. De bestuursagenda is gebaseerd op het regionaal risicoprofiel wat begin 2023 is vastgesteld. De bestuursagenda levert vier programma-onderdelen op:

  • Brandweer – Toekomstbestendige brandweerzorg
  • Risicobeheersing – Veilige en gezonde leefomgeving
  • Crisisbeheersing en GHOR – Versterking crisisbeheersing
  • Algemeen – Ondersteuning organisatie en algemene dekkingsmiddelen

De gemeenten staan financieel onder druk door een verwachte daling van de inkomsten uit het gemeentefonds. Dit dwingt veel gemeenten tot bezuinigingen. Verschillende gemeenten hebben dan ook in hun zienswijzen gevraagd om rekening te houden met de financiële situatie van de gemeenten door de stijging van de gemeentelijke bijdrage te beperken of om besparingsopties in kaart te brengen. Tegelijkertijd wordt de VRU steeds vaker langdurig ingezet, met name bij crises, terwijl wettelijke verplichtingen en veiligheidseisen toenemen. Daarnaast staat de VRU voor grote uitdagingen door technologische en maatschappelijke veranderingen, krapte op de arbeidsmarkt, hoge inflatie, lange levertijden voor materieel en nieuwe risico’s zoals netcongestie, klimaatverandering, verduurzaming en geopolitieke spanningen. Om de taken te blijven uitvoeren en te anticiperen op nieuwe uitdagingen, zijn daarom ook investeringen noodzakelijk. In de afgelopen periode zijn daarom toekomstscenario’s ontwikkeld om investeringen en besparingsopties in kaart te brengen. De eerste beelden laten zien dat er mogelijk behoorlijke gevolgen zijn voor gemeente IJsselstein. Oorzaken daarvan zijn onder andere het opheffen van het compensatiemechanisme, herzien kosten maatwerk en invoering volumecomponent in de financieringssystematiek.

De uitkomst van het traject rondom de toekomstvisie wordt eind 2025 verwacht. We verwachten hieruit nog geen grote financiële gevolgen voor 2026. Mogelijk gaat het wel impact hebben op de periode daarna.

Verplichte Kengetallen Weerstandsvermogen

 

Rekening 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Netto schuldquote

23,0%

32,4%

34,8%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

23,0%

32.3%

34,8%

Solvabiliteitsratio

33,1%

29,9%

25,2%

Structurele exploitatieruimte

-0,2%

-0,2%

 0,0%

(p73)

Beleidsprestaties

Brandweer - Toekomstbestendige brandweerzorg

Brandweer

  • Doorontwikkelen paraatheid
  • Versterken vakbekwaamheid
  • Innovatie toepassen t.b.v. arbeidsveiligheid
  • Verstevigen natuurbrandbestrijding
  • Onze brandweermensen (vinden, boeien, binden)

Risicobeheersing - Veilige en gezonde leefomgeving

Veilige leefomgeving

  • Risicogericht werken
  • Voorbereiden op nieuwe risico's
  • Nieuwe voorlichtingsactiviteiten

Veerkrachtige redzame samenleving

  • Start programma veerkracht

Breed gezamenlijk netwerk

  • Intensiveren van de contacten met de netwerkpartners

Crisisbeheersing en GHOR - Versterking crisisbeheersing

Crisisbeheersing

  • Uitvoering programma Versterking Crisisbeheersing
  • Upgraden planvorming crisisbeheersing
  • Optimaliseren van de lerende organisatie – basis op orde vakbekwaamheid
  • Uitvoeren Bevolkingszorg 3.0
  • Consolideren en versterken Vakbekwaamheid in de keten
  • Versterken ketenpreparatie zorgketen

GHOR

  • Borgen (Implementeren en positioneren) zorgrisicoprofiel

Meldkamer

  • Verder harmoniseren van meldkamerprocessen tussen de Veiligheidsregio's Flevoland, Gooi en Vechtstreek en Utrecht.
  • Oprichten van staf Meldkamer Midden Nederland Veiligheidsregio's
  • Voorbereiden en uitvoeren van de Livegang van de Meldkamer Midden-Nederland op 3 juni 2025
  • Oprichten en implementeren van opschaling meldkamer voor 0900 – 0904 tijdens grote drukte.
  • Oprichten en implementeren van Multidisciplinair Meldkamer overleg
Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen - Werk en Inkomen Lekstroom (WIL)

Werk en Inkomen Lekstroom (WIL)

Programma

Inkomen, jeugd en Wmo

Vestigingsplaats

Nieuwegein

Doel

Klantgerichte, rechtmatige, doelmatige en doeltreffende uitvoering van de wetten en regelingen waarvan de uitvoering is overgedragen aan de gemeenschappelijke regeling. Het gaat om taken ten aanzien van de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere - en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW),  de wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ), het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004, minimabeleid, artikel 1,13 van de Wet kinderopvang, de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en de Wet op de Lijkbezorging (artikelen 21 en 22).

Deelnemers

De gemeenten Lopik, Nieuwegein, Houten en IJsselstein.

Openbaar belang

Adequate uitvoering van dienstverlening op het gebied van Werk en Inkomen aan inwoners waar de gemeente (wettelijk) voor verantwoordelijk is en waarvoor deze verantwoordelijkheid over is gedragen aan WIL.

Bestuurlijk belang

De gemeente is vertegenwoordigd in het Algemeen en Dagelijks bestuur. De raad benoemt 2 leden en 2 plaatsvervangende leden in het Algemeen Bestuur. Wethouder Foekema en wethouder Bekker zijn lid, en wethouder Van Rooijen en burgemeester Weststeijn zijn plaatsvervanger. Daarnaast is wethouder Foekema lid van het Dagelijks Bestuur.

Financieel belang

De directe kosten (bijvoorbeeld bijstandsuitkeringen) van de diverse regelingen worden rechtstreeks toegerekend aan de gemeenten. Voor de indirecte kosten (uitvoering) draagt de gemeente bij op basis van een verdeelsleutel. 

WIL hanteert de nullijn als uitgangspunt voor de begroting. Dit betekent dat WIL haar taken moet uitvoeren met de middelen die door de deelnemende gemeenten beschikbaar worden gesteld, tenzij de gemeenten incidenteel of structureel extra middelen beschikbaar stellen op specifieke onderdelen.  

Op basis van de definitieve begroting 2027 van WIL zal de bijdrage voor 2027 uitkomen op circa:

Programma Inkomen                                                        € 11.526.000 (cliëntgebonden kosten en uitvoeringskosten)

Programma Werk                                                               €    1.310.000 (cliëntgebonden kosten en uitvoeringskosten)

Programma Inkomensondersteuning                     € 1.765.000 (cliëntgebonden kosten incl. maatwerk en uitvoeringskosten)

Uitvoeringskosten Overhead                                       € 2.081.000

 

Evt. veranderingen in een belang

Geen

Verhouding eigen en vreemd vermogen

 

 

01-01-2025

31-12-2025

Eigen vermogen

0

0

Vreemd vermogen

4.691.000

2.470.000

 WIL neemt in haar begroting geen geprognoticeerde balans op. We hebben daarom de meest recent bekende cijfers over het vreemd vermogen hier opgenomen. WIL houdt geen eigen vermogen aan.

 

Resultaat

De begroting sluit met een saldo van 0.

Risico’s

WIL beschikt niet over eigen vermogen, risico’s met financiële gevolgen komen daardoor direct voor rekening van de deelnemende gemeenten. In de begroting 2027 geeft WIL aan dat de nullijnsystematiek weliswaar leidend is, maar steeds moeilijker houdbaar en dat de gemeenten rekening moeten houden met aanvullende bijdragen gegeven de nullijnsystematiek en het ontbreken van buffers. 

WIL heeft een risicoparagraaf opgenomen in de WIL begroting 2027 (zie p. 19 van de WIL begroting 2027). Het gaat om uitvoeringsrisico's met voor elk risico 3 scenario's wat betreft de inschatting van de financiële gevolgen als het risico werkelijkheid wordt. WIL geeft aan dat voor een reëel beeld van de kosten voor 2027 het realistische scenario van de risicoparagraaf bij de begroting moet worden opgeteld. Het gaat om de volgende risico's:  

  1. Inhuur personeel staat in de begroting op nihil, maar er zal nog steeds sprake zijn van inhuurkosten
  2. Ontwikkelagenda (apart overzicht op p. 20 van de WIL begroting 2027)
  3. Inflatietoename is geschat op 2,3%. Dit kan mee- of tegenvallen
  4. WIL zit in een strategische heroriëntatie waarvan de impact niet is opgenomen in de begroting en nog niet concreet is gemaakt
  5. Eigen-risico dragerschap WW: in 2026/2027 wordt afscheid genomen van medewerkers die in de WW belanden vanwege het eigen-risico dragerschap

Ontwikkelingen

De WIL begroting 2027 bevat alleen de financiële basis voor 2027 zonder inhoudelijke, beleidsmatige keuzes. De reden hiervoor is dat de grote inhoudelijke trajecten bij WIL te weten de ketentransformatie Menskracht, uitwerking en uitvoering van de ontwikkellijnen uit de Ontwikkelagenda en de professionaliseringsopgave begin 2026 nog niet geïntegreerd met elkaar en ook niet met de doorlopende, reguliere uitvoering. Ordening, prioritering en planning lopen. In combinatie met (bestuurlijke) besluiten over ambities zullen dan de inhoudelijke keuzes voor 2027 worden gemaakt en financieel worden verwerkt. Eind 2026 zal een integrale begroting 2027 aan het DB worden voorgelegd. 

Het overkoepelende doel van de inhoudelijke trajecten is een toekomstbestendige, professionele en betrouwbare uitvoering op het gebied van werk en inkomen voor de inwoners van de Lekstroom-gemeenten en kostenbeheersing (regelings- en/of uitvoeringskosten op werk en inkomen en/of op andere delen van het sociaal domein) voor de gemeenten. 

Participatiewet in Balans is op 1 januari 2026 in werking getreden. Bij deze wetswijziging gaat het om 21 maatregelen die op korte termijn de regels en ondersteuning van de Participatiewet beter moeten laten aansluiten bij de mogelijkheden en omstandigheden van de mensen voor wie ze bedoeld zijn. Op de langere termijn gaat het om een fundamentele herziening van het stelsel en het versterken van vakkundigheid . WIL werkt al steeds meer vanuit eenvoud, vertrouwen en maatwerk. In 2026 is gestart met herzien van beleidsregels en de re-integratieverordening.  Dit loopt door in 2027. 

Verplichte Kengetallen Weerstands-vermogen

 

Rekening 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Netto schuldquote

0,00%

0,00%

0,00%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

0,00%

0,00%

0,00%

Solvabiliteitsratio

0,00%

0,00%

0,00%

Structurele exploitatieruimte

0,00%

0,00%

0,00%

WIL neemt in haar begroting geen (geprognoticeerde) balans op of kengetallen rond weerstandsvermogen. WIL houdt geen (weerstands)vermogen aan en gaat in beginsel geen eigen schulden aan. Werkelijke uitgaven rekent WIL binnen het jaar af met haar deelnemers. Deze kengetallen zijn daarom in principe nul.

Beleidsprestaties

WIL voert die taken uit voor de deelnemende gemeenten waar gemeenten op grond van de volgende wetten toe verplicht zijn: Participatiewet; Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werklozen; Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; Minimabeleid; Besluit bijstandsverlening zelfstandigen; Wet gemeentelijke schuldhulpverlening; Wet kinderopvang (artikel 1.22 tot en met 1.28); Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.

WIL zorgt in het kader van deze regelingen voor een adequaat aanbod van diensten aan inwoners.

Daarnaast voert WIL werkzaamheden uit in het kader van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) op basis van een dienstverleningsovereenkomst (DVO) en onder meer de alleenverdienersproblematiek en leefgeldregeling en inning eigen bijdrage voor Oekraïners.

Stichtingen en verenigingen

Terug naar navigatie - Stichtingen en verenigingen - Stichting Inkoopbureau Midden Nederland (IBMN)

Stichting Inkoopbureau Midden Nederland (IBMN)

Programma

Bestuur en organisatie.

Vestigingsplaats

Vianen

Doel

IBMN stelt deelnemers in staat om te besparen en maximaal sociale en maatschappelijke meerwaarde te realiseren door middel van hun inkoopprojecten. IBMN biedt daarom professionele en deskundige inkoopondersteuning op een manier die nauw aansluit bij de individuele wensen van de deelnemer.

Deelnemers

IJsselstein, Leusden, Molenlanden, Montfoort, Scherpenzeel, Vijfheerenlanden, Woudenberg, Avres, Reinigingsbedrijf Midden Nederland, Regionale Sociale Dienst Kromme Rijn Heuvelrug.

Openbaar belang

Rechtmatig en transparant inkopen en aanbesteden.

Bestuurlijk belang

Het bestuur bestaat volgens de statuten uit de gemeentesecretarissen van de samenwerkende gemeenten. De locosecretaris is de formele plaatsvervanger.

Financieel belang

In de begroting 2027 van de gemeente IJsselstein is een bedrag van € 183.547 geraamd voor ondersteuning en advies bij inkoop en aanbesteden

Evt. veranderingen in een belang

Niet van toepassing.

Verhouding eigen en vreemd vermogen

Niet van toepassing. Gezien relatie niet relevant voor gemeente.

Resultaat

De geraamde kosten worden gedekt door de deelnemersbijdragen. Die bestaan uit een vaste bijdrage en een garantieafname. Per saldo is het resultaat 0.

Risico’s

Geen verhoogd risico.

Ontwikkelingen

IBMN werkt met een bedrijfsplan dat inspeelt op de veranderende omgeving en regio. Het plan is productgericht. Het specialisme van IBMN, werken met domeinen, blijft intact. Er is geen sprake van ontwikkelingen die een grote impact hebben op de gemeente. 

Beleidsprestaties

De door IBMN uit te voeren diensten voldoen aan de eisen van kwaliteit, deugdelijkheid, doelmatigheid en professionaliteit. Daarmee draagt IBMN bij aan een kwalitatief en procesmatig goed inkoopproces. Hiermee draagt IBMN ook bij aan het borgen van rechtmatige inkoop door de gemeente.

Terug naar navigatie - Stichtingen en verenigingen - Stichting Robijn

Stichting Robijn

Algemeen

Het openbaar onderwijs in IJsselstein en Nieuwegein is verzelfstandigd in stichting Robijn. De gemeente heeft geen direct bestuurlijk of financieel belang bij stichting Robijn. Echter is er wel een indirect belang aangezien de gemeente verantwoordelijk is voor het bieden van openbaar onderwijs

Toezicht

De gemeente heeft een aantal toezichthoudende taken. De kaderstellende taken zijn belegd bij de gemeenteraad en de uitvoerende taken bij het college.

Het toezicht wordt ingevuld op basis van de Governance notitie van Robijn (november 2016).

Twee keer per jaar vindt een integraal voortgangsoverleg plaats over zowel de financiële voortgang als de onderwijskwaliteit. Dit overleg vindt plaats in gezamenlijkheid met beide portefeuillehouders, de bestuurder van stichting Robijn en één keer per jaar met een afvaardiging van de Raad van Toezicht.

Deze overleggen vinden plaats aan de hand van een rapportage van de stichting:

  • in oktober na verwerking van de leerlingentellingen en omtrent de contouren van de komende begroting (en meerjarenplanning)
  • in maart/april – voorafgaande aan de Kaderbrief van de gemeenten voor het nieuwe begrotingsjaar – omtrent de voortgang van de financiën.

Bestuurlijke en financiële ontwikkelingen

Het college is bestuurlijk verantwoordelijk voor het in stand houden van afdoende openbaar onderwijs. Dit valt binnen de portefeuille van de wethouder Onderwijs. 

Ontwikkelingen

De begroting 2027 wordt in het najaar 2026 verwacht. De aandachtspunten voor 2027 zullen daarin verwoord worden. Er zijn geen ontwikkelingen die significante impact hebben op de gemeente.

Beleidsprestaties

De gemeente heeft een wettelijke taak om voldoende openbaar onderwijs te bieden op een voldoende aantal scholen (wet op het primair onderwijs). In de begroting zijn geen specifieke beleidsprestaties opgenomen ten aanzien van het openbaar onderwijs. Wel is als algemene beleidskader verwoord over de beschikbaarheid van adequate onderwijshuisvesting, de ononderbroken leerweg en de nauwe samenwerking tussen onderwijs en jeugdzorg.

Terug naar navigatie - Stichtingen en verenigingen - Stichting WerkwIJSS (Beschut werk Lekstroom)

 

Stichting WerkwIJSS (Beschut werk Lekstroom)

Programma

Inkomen, jeugd en Wmo

Vestigingsplaats

IJsselstein

Doel

Het organiseren van beschutte werkplekken en leerwerktrajecten voor personen met een arbeidsbeperking in het kader van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) of Nieuw beschut werk (Participatiewet) dan wel een achterstand tot de arbeidsmarkt.  Bij WerkwIJSS kunnen deze mensen aan de slag en zich verder ontwikkelen.

Deelnemers

De gemeenten Lopik, IJsselstein, Nieuwegein

Bestuurlijk belang

De gemeente is vertegenwoordigd in de raad van commissarissen (RvC) en heeft hier stemrecht. Wethouder Foekema is door het college aangewezen als vertegenwoordiger in de RvC.

De begroting van WerkwIJSS kent een zienswijze procedure voor de gemeenteraad.

Financieel belang

De begroting van WerkwIJSS is geen direct onderdeel van de gemeentebegroting. De gemeente koopt beschutte werkplekken in bij de stichting. Het door de gemeente te betalen tarief per beschutte werkplek is de uitkomst van het financieel resultaat van de stichting gedeeld door het totaal aantal ingekochte werkplekken van alle gemeenten. Hiermee is de gemeente (indirect) verantwoordelijk voor het resultaat van de stichting.

Evt. veranderingen in een belang

Niet van toepassing

Verhouding eigen en vreemd vermogen

Niet van toepassing (gezien relatie niet relevant voor gemeente)

Resultaat

De begroting sluit met een saldo van 0.

Risico’s

Hogere kosten en/of lagere opbrengsten van WerkwIJSS kunnen leiden tot hogere kosten voor de gemeente. Al een aantal jaren stijgen de kosten per werkplek door hogere loonkosten in combinatie met de huidige opzet van Werkwijss (vaste kosten voor o.a. de locatie, faciliteiten en personeel) en niet-volledige benutting van de capaciteit van WerkwIJSS (100 werkplekken) door de deelnemende gemeenten. IJsselstein maakt wel veel gebruik van WerkwIJSS en draagt daardoor steeds meer bij  in het totale exploitatieresultaat. 

Het weerstandsvermogen is € 121.000 met een maximale bandbreedte van 40%.  In 2024 is een nieuwe beoordeling van risico's en benodigd vermogen gedaan. Afgesproken is dat het benodigde minimale weerstandsvermogen op € 121.000 gehandhaafd blijft. Bij negatieve exploitatieresultaten wordt aanvullende financiering van de gemeenten gevraagd. 

Ontwikkelingen

Ontbinding van de aparte stichting WerkwIJSS Schoon per 31 december 2026.

Expeditie Menskracht:  Begin 2025 is gestart met ketenregie voor een meer gerichte, geharmoniseerde en samenhangende dienstverlening rondom werk. In 2026 is gestart met transformatie van de werkketen en kwartiermaken om de gewenste ketensamenwerking te concretiseren naar passende organisatorische constructies waardoor een passende governance ontstaat.  Dit loopt door in 2027. Dit wordt aangestuurd door de ketenregisseur/kwartiermaker vanuit een tijdelijke rol als directeur menskracht bij WIL.  De uitkomsten van de transformatie kunnen invloed hebben op WerkwIJSS, wanneer de uitkomsten duidelijk zijn en de besluitvorming rond is, kan dit worden verwerkt in de begroting van WerkwIJSS.  De begroting WerkwIJSS 2027 is opgesteld op basis van going concern. 

De  uitkomsten van  Expeditie Menskracht zijn ook van belang voor de herhuisvesting van WerkwIJSS vanwege de ontwikkeling van de huidige locatie (Paardenveld-Noord).  In 2027 moet helder zijn wat de huisvestingsbehoefte is en wat de mogelijkheden en onmogelijkheden zijn. Op termijn is sprake van herhuisvesting vanwege de ontwikkeling van de huidige locatie (Paardenveld-Noord). 

Toename van het aantal Wsw-medewerkers dat is aangewezen op een beschutte werkplek. De populatie veroudert en de mogelijkheden van de medewerkers worden minder. Medewerkers komen terug naar beschut werken vanuit begeleid werken, (groeps)detachering, groen of schoonmaak.

Versterken van de (praktijk)begeleiding vanwege de (toegenomen) begeleidingsbehoefte van steeds diverse groep medewerkers. Enerzijds door de groeiende instroom van nieuwe (kortlopende) maatwerktrajecten en  anderzijds duurzaam geplaatste (Wsw/nieuw beschut) medewerkers in combinatie met het doel van arbeidsontwikkeling.

Beleidsprestaties

WerkwIJSS biedt voldoende passende werkplekken en leerwerktrajecten voor inwoners van IJsselstein die hier op zijn aangewezen binnen de afgesproken financiële kaders.

Terug naar navigatie - Stichtingen en verenigingen - Stichting WerkwIJSS Schoon

Stichting WerkwIJSS Schoon

Programma

Inkomen, jeugd en Wmo

Vestigingsplaats

IJsselstein

Doel

Het organiseren van beschutte werkplekken en leerwerktrajecten voor personen met een arbeidsbeperking in het kader van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) of Nieuw beschut werk (Participatiewet) dan wel een achterstand tot de arbeidsmarkt. Bij WerkwIJSS Schoon kunnen deze mensen aan de slag en zich verder ontwikkelen. 

Per 31 december 2026 is de stichting opgeheven. De ontbinding van de stichting is de laatste formele stap in het traject van afbouw en overdracht van de leerwerkplekken schoonmaak naar de opdrachtgevende gemeenten (IJsselstein en Lopik) conform het besluit van directie en RvC eind 2025. 

Deelnemers

De gemeenten Lopik en IJsselstein

Openbaar belang

Voldoende werkplekken en leerwerktrajecten gericht op het uitvoeren van schoonmaakwerkzaamheden voor inwoners die hier op zijn aangewezen

Bestuurlijk belang

De gemeente is vertegenwoordigd in de raad van commissarissen (RvC) en heeft hier stemrecht. Wethouder Foekema is door het college aangewezen als vertegenwoordiger in de RvC.

De begroting van WerkwIJSS Schoon kent een zienswijze procedure voor de gemeenteraad.  Voor 2027  is, vanwege de geplande ontbinding van de stichting per 31 december 2026 geen begroting opgesteld.  

Financieel belang

De begroting van WerkwIJSS Schoon is geen direct onderdeel van de gemeentebegroting. De gemeente ontvangt een detacheringsvergoeding per regelingsgebonden-werknemer (hoofdzakelijk Wsw-werknemers) van de stichting.  De hoogte van de detacheringsvergoeding bij Schoon is de uitkomst van het financieel resultaat van de stichting gedeeld door het aantal regelingsgebonden-werknemers. Hiermee is de gemeente (indirect) verantwoordelijk voor het resultaat van de stichting.

Evt. veranderingen in een belang

De laatste jaren is steeds vaker sprake van een negatief financieel resultaat als gevolg van o.a. de toegenomen begeleidingsbehoefte van de medewerkers. De schoonmaak-leerwerkplekken ontwikkelen zich daardoor meer en meer als beschutte werkplekken zonder detacheringsopbrengsten waardoor de gemeente extra moet bijdragen. 

Verhouding eigen en vreemd vermogen

Niet van toepassing (gezien relatie niet relevant voor gemeente)

Resultaat

De begroting sluit met een saldo van 0.

Risico’s

Hogere kosten en/of lagere opbrengsten van WerkwIJSS Schoon kunnen leiden tot een lagere of negatieve door de gemeente te ontvangen detacheringsvergoeding.

Bijna alle medewerkers van WerkwIJSS Schoon zijn inwoners van IJsselstein . Daardoor draagt de gemeente IJsselstein steeds meer bij in het totale exploitatieresultaat en komt het risico in steeds hogere mate te liggen bij de gemeente IJsselstein. 

Het weerstandsvermogen is minimaal € 117.000 met een bandbreedte van maximaal 40%. In 2024 is een nieuwe beoordeling van risico's en benodigd weerstandsvermogen gedaan. Besloten is dat het weerstandsvermogen op het eerder bepaalde minimum niveau gehandhaafd blijft.  Bij negatieve exploitatieresultaten zal aanvullende financiering van de gemeenten worden gevraagd.

Ontwikkelingen

Ontbinding van de stichting per 31 december 2026 . Dit is de laatste stap in het traject van afbouw en overdracht aan de opdrachtgevende gemeenten (IJsselstein en Lopik) van de leerwerkplekken Schoonmaak. Dit traject is eind 2025 in gang gezet na besluit door de directie en RvC van WerkwIJSS Schoon.  De aanleiding voor de afbouw en overdracht was de structureel afnemende bezetting van de leerwerkplekken, de beperkte instroom van nieuwe kandidaten, de toenemende operationele kwetsbaarheid van de dienstverlening en de daarmee samenhangende financiële risico's. In december 2025 is de raad is hierover geïnformeerd.

De gemeenten IJsselstein en Lopik hebben vervolgens samen een aanbesteding gedaan voor de schoonmaakopdracht. Daarbij is het werken met de doelgroep medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt als eis opgenomen. Vebego Participatie heeft de aanbesteding gewonnen en per 1 augustus 2026 al het schoonmaakwerk overgenomen van WerkwIJSS Schoon.  Ook hierover is de raad geïnformeerd. De medewerkers van WerkwIJSS Schoon zijn op maat begeleid naar een andere passende werkplek.

De financiële afwikkeling vindt plaats bij de jaarrekening 2026 van de stichting WerkwIJSS Beschut. 

Beleidsprestaties

WerkwIJSS Schoon biedt passende werkplekken en leerwerktrajecten voor inwoners van IJsselstein die hier op zijn aangewezen binnen de afgesproken financiële kaders.

Coöperaties en vennootschappen

Terug naar navigatie - Coöperaties en vennootschappen - BNG Bank NV (BNG)

BNG Bank NV (BNG)

Programma

Algemene dekkingsmiddelen

Vestigingsplaats

Den Haag

Doel

De BNG Bank NV, ook wel bekend als de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) is de bank voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. Met gespecialiseerde financiële dienstverlening draagt de BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. De strategie van de bank is gericht op het behouden van substantiële marktaandelen in het Nederlands maatschappelijk domein en het handhaven van een excellente kredietwaardigheid (Triple A).

De BNG keert dividend uit en levert daarmee een bijdrage aan de algemene middelen.

Deelnemers

De staat, gemeenten, provincies en een hoogheemraadschap.

Openbaar belang

BNG is de bank van en voor overheden in instellingen voor het maatschappelijk belang. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger.

Bestuurlijk belang

De gemeente is aandeelhouder en heeft stemrecht in de algemene vergadering van aandeelhouders. Wethouder Foekema is de door het college aangewezen vertegenwoordiger.

Financieel belang

De staat is houder van de helft van de aandelen. De andere helft is in handen van gemeenten, provincies en een hoogheemraadschap. De gemeente IJsselstein bezit 4.563 aandelen à € 2,85 nominaal. De nominale waarde van het aandelenbelang is dus € 13.000.

Evt. veranderingen in een belang

Niet van toepassing.

Verhouding eigen en vreemd vermogen

 

01-01-2026

31-12-2026

Eigen vermogen

€ 4.863.000

n.n.

Vreemd vermogen

€ 110.701.000

n.n.

Resultaat

172 miljoen euro (netto) over 2025. 

Risico’s

De BNG loopt diverse risico’s (kredietrisico’s, marktrisico’s, liquiditeitsrisico’s, operationele en strategische risico’s), die zijn uitgewerkt in het Annual Report BNG Bank. Het risicobeheer is gebaseerd op een Risk Appetite Statement en gericht op handhaving van het risicoprofiel.

De risico's van BNG hebben geen direct effect op de gemeente IJsselstein. Enkel via het resultaat en hiermee samenhangend dividend kan het een zeer beperkte indirecte impact hebben.

Ontwikkelingen

BNG Bank streeft niet naar winstmaximalisatie, maar naar maatschappelijke impact en een redelijk rendement voor de aandeelhoudende overheden. Er zijn geen ontwikkelingen die een significante impact hebben op de gemeente IJsselstein.

Beleidsprestaties

De BNG biedt goedkope en duurzame financiering en financiële dienstverlening aan, voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. Het beleid van de BNG heeft geen directe relatie met het beleid van de gemeente IJsselstein.

Terug naar navigatie - Coöperaties en vennootschappen - Vitens NV

Vitens NV

Programma

Algemene dekkingsmiddelen

Vestigingsplaats

Zwolle

Doel

De uitoefening van een publiek (drink)waterbedrijf, waaronder de winning, de productie, transport, verkoop en distributie van water. Daarnaast ook het verrichten van alles wat met de publieke watervoorziening verband houdt of daaraan kan bijdragen.

Deelnemers

De aandeelhouders van Vitens zijn 105 gemeenten en 5 provincies.

Openbaar belang

Kwaliteit en continuïteit van schoon en betaalbaar drinkwater leveren en de duurzaamheid van bronnen in wingebieden en infrastructuur borgen.

Bestuurlijk belang

De gemeente is aandeelhouder en heeft stemrecht in de algemene vergadering van aandeelhouders. Wethouder Foekema is de door het college aangewezen vertegenwoordiger.

Financieel belang

Gemeente IJsselstein bezit 31.228 aandelen van € 1.

Evt. veranderingen in een belang

Niet van toepassing.


Verhouding eigen en vreemd vermogen

  01-01-2026 31-12-2026
Eigen vermogen €    809.100.000 n.n.b.
  € 1.846.000.000 n.n.b.
  De winst over 2025 bedraagt € 90,6 mln.

Risico’s

De risico's van Vitens staan toegelicht in het jaarverslag van Vitens. Deze hebben geen directe relatie met de gemeente IJsselstein.

Ontwikkelingen

Wij zien geen ontwikkelingen die een directe relatie hebben met de gemeente IJsselstein.

Beleidsprestaties

Vitens draagt bij aan schoon en betaalbaar drinkwater voor de bewoners, aan een duurzaam onderhoud van de waterwingebieden en het in stand houden van de infrastructuur om water aan de huishoudens te leveren. Hoewel de activiteiten van Vitens zeer belangrijk zijn voor de inwoners van IJsselstein, voert Vitens geen gemeentelijke taak uit. Er is dus geen directe relatie met het beleid van de gemeente.